Home Blog About Agenda Audio Archief Forum Filopraktijk Contact

Een kleine episode met sneeuwklokjes!

woensdag, 3 maart 2010 door Merijn Fagard

sneeuwklokjes in februari

Ik zit op de bus, met nogal veel boodschappen achter mijn rug op het plekje waar je bagage kunt deponeren; boven de banden. Ik glimlach, want ik denk aan iets liefs dat in m’n leven is gekomen. Ik moet aldoor glimlachen!

Bovendien zit er een bejaard koppel naast me, die na 40 of misschien wel meer dan 50 jaar nog verliefd naar elkaar kunnen kijken. :-)

Dat is allemaal heel idyllisch.

De bus komt bij mijn bestemming en nadat ik op het belletje geduwd hebt stopt hij daar ook daadwerkelijk. Maar ik heb nog de (zware) bagage natuurlijk en dus raak ik er niet zo snel uit. De deuren sluiten al voor m’n neus en ik zeg, naar de chauffeur gericht: ‘hoho’. ‘”Ho” zeggen ze tegen een paard,’ zegt hij, ‘misschien ook tegen u’. Ik ben perplex dat ik iemand heb pijn gedaan en kan alleen nog maar uitbrengen als een schooljongen: ’sorry’. De bus rijdt weg maar ik en misschien ook de buschauffeur blijven achter met een slecht gevoel.

Plots voel ik me helemaal niet meer lekker?

Ik voel me niet goed dat ik ’sorry’ heb gezegd. Daarmee bevestig ik toch alleen maar dat ik hem niet als een mens heb behandeld. Maar het was helemaal niet mijn bedoeling dat te doen! Ik deed dat helemaal niet met die intentie! :-? Maar ja, ‘hoho’ tegen iemand zeggen onder zo een omstandigheid is toch ook niet echt respectvol. Dat zie ik wel in. Met of zonder de intentie, iemand daarbij te willen behandelen als een paard. (Aan dierenliefhebbers die paarden en mensen op gelijke voet stellen zal ik hier helaas even, de eenvoudigheid halver van dit artikeltje, niet tegemoetkomen). Maar waarom heb ik het dan gezegd?

Daarvoor moet ik m’n aandacht afwenden van de vraag hoe de buschauffeur zich voelt. Ik richt m’n aandacht nu op mezelf. Ik zat in die bus, wetende: ‘Ik heb een zware rugzak mee, een vrij licht maar ook nogal onhandelbaar doosje en dan nog een plastic zakje. Het zal veel tijd kosten – in bus-uitstap-termen – om dat allemaal op een ordentelijke manier mee naar buiten te krijgen’. Bij die wetenschap heb ik dan overigens ook al fantasiebeelden van:

  • de buschauffeur die inderdaad niet zal doorhebben – terwijl ik mijn spullen nog moet pakken – dat ik óók wil uitstappen (naast de andere ‘uitstappers’);
  • met als resultaat dat de deuren dan dus dicht zullen gaan en de bus al lang en breed naar de volgende halte op weg zal zijn vóór ik uiteindelijk hijgend bij de chauffeur zal kunnen melden dat ik er eigenlijk óók nog uit wil… :-(

Dat is dus de mentale situatie waarin ik op dat moment, voor het uitstappen, verkeer. Latent in mij is dit weten en zijn deze fantasiebeelden aanwezig. En daarmee verbonden is angst… Het is angst, die mij dit ‘noodlottige’ ‘hoho’ heeft doen zeggen! Dat besef ik nu plotseling! Dus: het is inderdaad niet zo dat ik de intentie had om de chauffeur te affronteren, maar de motivatie achter dit ‘hoho’ was de angst dat ik niet tijdig zou kunnen uitstappen. Jaja. Hehe. De situatie van iemand die hooggevoelig is (deze link werkt nog niet, maar binnenkort komt er ook een artikel over mijn ‘hooggevoeligheid’).

Nu besef ik ook waarom ik geen ’sorry’ had moeten zeggen. Het was blijkbaar de buschauffeur zijn interpretatie dat ik hem wilde behandelen als een paard (nog eens: op de dierenliefhebbers ga ik hier niet in). Want zelf kan ik met 100% zekerheid zeggen dat ik hem niet zo wilde ‘behandelen’. En wat ik dan beter had gezegd is niet ’sorry’. Dit ’sorry’ bevestigt namelijk (zoals ik het versta) alleen maar dat ik die intentie wel had en dat ik daar vervolgens spijt van kreeg (of misschien zelfs dat het een gewone ‘angstsorry’ is, die je snel zegt om ergens vanaf te zijn – weer angst :-( ). Bovendien was ik ook een beetje geërgerd, dat hij mij op deze manier, verkeerdelijk, leek te beschuldigen. Wat ik beter had kunnen doen, denk ik nu, is echt luisteren naar wat hij zei in plaats van automatisch te reageren. Dan had ik waarschijnlijk eerder iets gezegd in de zin van: ‘Het spijt me dat je dit zo opvat. Ik geef toe dat het ongelukkig gekozen woorden zijn, maar ik wil jou ook zeggen dat het zeker niet mijn bedoeling is jou zo te behandelen. Het spijt me heel erg!’ (Ik moet echter wel toegeven dat er ook andere varianten bij me opkomen, gaande van: ‘Een buschauffeur zou je toch ook kunnen beschouwen als een soort paard!’ tot: ‘ja, inderdaad, “ho” zeg je tegen een paard en ik ben een ezel!’ Maar dit voorlopig slechts gewoon ter informatie en volledigheidshalve hé! ;-) ).

Toch staat mijn brein nog steeds niet stil. ‘Ho zeggen ze tegen een paard,’ zei de chauffeur, en toen had ik al ’sorry’ gezegd. Maar hij vervolgde zijn verwijt ook nog met de woorden: ‘Misschien zeggen ze dat ook tegen jou!’. En die woorden bleven achteraf – nadat ik ze gereconstrueerd had – in m’n hoofd schallen. Ja, zeg! Hij lijkt te denken dat ik dat woord gebruik omdat ik het zelf ook van anderen te horen krijg. Omdat anderen mij dus zouden behandelen als een paard. Ik hoor daar een stukje vergeving in van zijn kant. Hij begrijpt mij! Probeert het althans. Is inderdaad niet geneigd me de bedoeling toe te schrijven, hem te behandelen als een paard (zoals ik eerst dacht). Maar denkt misschien dat ik ergens nog een soort kind ben die door slechte ouders of slechte andere opvoeders slecht wordt behandeld. ‘Waar in mijn leven wordt ik behandeld als een paard?’ Vraag ik mij af. Waar in mijn leven zeggen mensen ‘ho’ tegen mij, in de figuurlijke of misschien zelfs in de letterlijke betekenis van het woord? Waardoor ik nu ook zelf deze woordjes ‘hoho’ gebruiken zou… Een vraag die me ergert. Maar die me pertinent lijkt. Ergens moet ik toch toelaten dat ik zulke angst kan voelen, feitelijk! De angst die ik voelde bij en latent ook vóór het uitstappen uit de bus. Ik ga op onderzoek uit hoe ik dat gekwetste gevoel terug kan helen en de weg waarlangs angst (ook al zijn het nog zo ‘kleine’ angsten als bijvoorbeeld deze angst over het busuitstappen), mijn dierbare leven binnen kan komen. Dat onderzoek zal ik hier nu niet meteen doen, maar ik hoop toch dat ik in mijn zoektocht succesvol zal zijn en de scheur zal kunnen dichten, waardoor waardevolle energie uit me wegloopt… Angst is geen fijne emotie en feitelijk is ook deze ervaring verre van leuk, maar nu, na al deze gedachten, begin ik me weer beter te voelen en voel ik ook de moed echt te gaan zoeken naar deze verscheurdheid in mijzelf en er agressief en vooral kordaat de strijd mee aan te binden.

Op deze manier ben ik misschien als een rijker mens uit deze bus gekomen dan ik er ben in gestapt. Hoe lastig het ook is voor mij om toe te geven dat een pertinent onaangename ervaring misschien toch waardevol zou kunnen zijn. (Dat is een heikel iets, vind ik. Ten eerste omdat niet alle onaangename ervaringen me waardevol lijken – hoewel er levensvisies zijn waarin dit wel wordt beweerd – en ten tweede omdat dit soms wordt gebruikt om onaangename ervaringen – pijn, lijden, verdriet, etc. – te vergoelijken, vooral dan als het anderen zijn die ze moeten doormaken.)

Maar voor ik zo ver ben, dankbaarheid te voelen voor deze episode, ga ik nog door een volgend gevoel. Ik voel me intens verdrietig. Waardeloos. Ik zie de bloemetjes bij de deur van mijn huis en laat mij laveloos bij hen troosten. Ik denk er ineens aan ze te vereeuwigen en heb dat dan ook gedaan met deze foto! Ik vind in deze bloemetjes een gevoel van troost. Niet dat ze mooi zijn, maar dat ze stil zijn; en iets lijken te verbergen dat groter is dan dit.

En als ik ze vergelijk met mensjes die daar zijn, die daar mooi staan te wezen terwijl niemand ze ziet, dan vertedert het me vanbinnen. Het geheel van deze episode, samen met deze bloemetjes geeft me dan een bitterzoet gevoel…

Oh juh, wat kan het leven soms toch mooi zijn! ;-)

sneeuwklokjes in februari

Tags: , , , , , , , , , , ,

Dit artikel werd toegevoegd op woensdag, 3 maart 2010 om 12:05 en behoort tot de thema's Hooggevoeligheid (HSP), Persoonlijke ontwikkeling, Sociale fobie. Je kan alle reacties op dit artikel volgen via de RSS 2.0 feed. Je kan ook zelf een reactie plaatsen, of een trackback acherlaten van je eigen website.

2 Responses to “Een kleine episode met sneeuwklokjes!”

  1. gawan zegt:

    Heb je ook het scenario overwogen om op de reactie van de buschauffeur te reageren met humor? Zoiets van “ja, paarden zijn immers edelere dieren dan de mens, dus verkies ik ervoor mensen die ik waardeer, als paarden aan te spreken. Ik wordt bovendien zelf ook graag als paard aangesproken, inderdaad…” of (kortweg): “Nee hoor, ‘Ho’ is simpelweg een afkorting van ‘Hooggeachte’…”. Je gaat dan een beetje mee in zijn nogal absurde reactie die waarschijnlijk voortkomt uit een frustratie van de buschauffeur dat hij niet als een echte persoon gezien wordt, en tegelijk is de kracht van humor natuurlijk één van de beste medicijnen om je angsten en angstjes te overwinnen.
    Tenslotte heeft deze situatie volgens mij ook veel te maken met een heel banale onhandigheid, zowel van jezelf als van de buschauffeur, waardoor een goed partijtje gezamelijk schuddebuiken het hart aanzienlijk kan verlichten.

  2. Merijn Fagard zegt:

    Bedankt voor je reactie, Gawan! Humor is idd niet mijn sterkste kant! Meestal kan ik achteraf wel iets bedenken, maar op het moment gaan dingen mij allemaal een beetje te snel! Uiteindelijk ben ik gewoon niet ingesteld op humor! ;-) Lijkt me wel leuk, trouwens, zo’n partijtje schuddebuiken. Ik zie het al helemaal zitten… :-D

Leave a Reply