De aarde als kapitaal

Van alle soorten economie is vooral nog het kapitalisme overgebleven. In sommige landen vrij radicaal (bijvoorbeeld de VS), in andere landen getemperd door een sociale zekerheid (bijvoorbeeld België). Maar het is en blijft kapitalisme, met een zo vrij mogelijke markt en het kapitaal (grote geldsommen) als mogelijkheid om te produceren.

Bovendien is dit kapitalisme, dat grotendeels het communisme heeft overleefd (ok, er zijn nog een paar communistische landen, zoals bijvoorbeeld Cuba en Noord-Korea), de laatste decennia wereldwijd geworden. Dat is een enorme verandering. Waar vroeger economieën vooral lokaal en/of protectionistisch werden georganiseerd, is er nu een wereldwijde vrijhandel ontstaan, waar alle bewoners van deze aardbol ook op zijn aangewezen…

Verschillende soorten mensen…

Slechts weinigen kunnen zich onttrekken aan de macht van de economie. Slechts diegenen die hun economische behoeften weten te minimaliseren, door zo veel mogelijk zelfvoorzienend te leven, kunnen dat misschien. Er zijn wereldwijd enkele mensen die het experiment zijn aangegaan om deftig te proberen leven zonder geld. En hier is een voorbeeld van iemand die het heel slim heeft aangepakt en die door slechts 5 jaar te werken, daarbij rigoureus te sparen en zijn geld te investeren er in geslaagd is op zijn 33ste al met pensioen te gaan! ;) en zich zo met behulp van het systeem er buiten te plaatsen. En dan zijn er ook de hele rijken, die gebruik maken van het systeem en zo kapitaal vergaren en macht kunnen uitoefenen… De meerderheid echter werkt voor zijn geld, is blij met dat ze het nog relatief goed hebben en heeft af en toe oprecht medelijden met degenen die uit de boot vallen. Want die zijn er ook: de paria’s, in het beste geval loonslaven, maar vaak ook mensen die het moeten doen met minder dan een schamele 1,25 dollar per dag; mensen die dus in de huidige economie er zelfs niet in slagen hun meest basale behoeften te voldoen…

Deze mensen die ‘uit de boot vallen’ zijn veeltallig. Om een idee te geven: op dit moment sterven er jaarlijks 40.000.000 mensen van de honger. Veertig miljoen! Ok, dat is ‘maar’ een dikke halve procent van de voltallige wereldbevolking (eind dit jaar ondertussen al 7.000.000.000 mensen groot – zeven miljard!), maar bedenk dan ook dat er momenteel niet alleen jaarlijks 40miljoen mensen sterven van de honger, maar ook 1 miljard mensen in chronische ondervoeding leven en dat is dan al 1/7de van de mensen die de aarde tegen het einde van dit jaar zal tellen… Oftewel een kleine 14% van de mensen die uit de boot lijken te vallen met betrekking tot een basale menselijke behoefte zoals voeding…

Het streefdoel binnen de huidige economie

Is dat de schuld van het kapitalisme? Nee. Ik ben eerder geneigd om te denken dat dit van niemand de schuld is (ook al is dat misschien wel zo!) Maar wat ik wel wil zeggen is dat het kapitalisme als systeem duidelijk faalt alle monden te voeden, wat overigens niet alleen geldt met betrekking tot de basale behoefte van voeding, maar ook nog geldt voor andere waarden zoals scholing, veiligheid en andere.

Als dat al het objectief is! Ik bedoel: het lijkt er niet op dat het ‘voeden’ van alle monden, ofwel een vervullend leven mogelijk maken voor iedereen, op dit moment het overheersende streefdoel is in de huidige economie. De economen zien de homo economicus als: Het individu dat door zijn participatie in de economie er naar streeft zijn of haar winst te maximaliseren. Als dat zo is dan zijn een aantal mensen momenteel heel goed bezig, en een groter aantal mensen helemaal niet.

Kritiek op het communisme

Het communisme wordt bekritiseerd omdat het bepaalde fouten in zich had, waardoor het uiteindelijk ook aan zichzelf te gronde is gegaan. Zo wordt het communisme vaak verweten dat het niet efficiënt werkt, aangezien iedereen toch evenveel krijgt en mensen dus niet gemotiveerd worden om echt hun best te doen. Daardoor daalt dan de productie en daarmee ook de te verdelen goederen, waardoor er een tekort ontstaat. De voormalige Soviet-Unie bijvoorbeeld slaagde er wel in zich te gedragen als een supermacht maar de gemiddelde levensstandaard van haar bevolking lag toch een pak lager dan die in de Westerse landen, ook al was de rijkdom dan wel gelijker verdeeld (er was bijvoorbeeld binnen het communistische Oostblok een totale tewerkstelling, wat betekent dat iedereen een job had en daarmee ook een inkomen).

Verder is gebleken dat het communisme het slechte in mensen naar boven haalt, wat vooral te zien is aan leiders die bereid waren tot machtsmisbruik en zo misdaden tegen de menselijkheid begingen. Schendingen van mensen hun privicy, strafkampen en andere misdaden behoorden tot de orde van de dag.

Vergelijking met het kapitalisme

Gelden dergelijke zaken echter ook niet voor het kapitalisme? Gedeeltelijk, zou ik zeggen. Een economisch systeem waarin 1/7de van de populatie een belangrijke economische basisbehoefte zoals voeding niet kan vervullen, lijkt me toch een teken dat de efficiëntie niet optimaal is. Misschien niet als het doel is om de winst van bepaalde individuen te maximaliseren (in geld dan) en iedereen toe te staan dat zelf ook te proberen… Maar als je dit meet met een menselijke maat, hoeveel beter is dan deze situatie als je dat vergelijkt met de hongersnoden die Stalin heeft veroorzaakt?

Ik denk dat onze blik vernauwd wordt door het feit dat in de westerse landen de mensen het nog redelijk goed hebben. Die landen zijn ook trots op het kapitalisme en zien de vrije markt als een belangrijk ideaal (cfr. de Europese Unie die er op toeziet of de vrije markt wel voldoende gerealiseerd wordt en die bijvoorbeeld monopolistische markten probeert tegen te gaan). Maar het feit dat de economie nu wereldwijd is geworden maakt ook dat we onze blik dienen te verwijden: de problemen van hongersnood in de wereld nu zijn net zo intern aan de huidige kapitalistische economie als de problemen van hongersnood in de voormalige Soviet-Unie intern waren aan de communistische manier van productie en handeldrijven. Het gaat niet op te zeggen: wij zijn toch welvarend, dus het werkt! Als het maar voor 6/7de van de wereldbevolking echt werkt (en dan schat ik het wel héél positief in! – er zijn nog andere problemen), dan kan je niet zeggen dat het bevredigend werkt. Niet als je vind dat iedereen recht heeft op een vervullend leven.

Efficiënt is het kapitalisme dus eigenlijk toch ook niet echt; waarbij ik eigenlijk zeg omdat we met zijn allen wel ergens lijken te denken dat dit wel zo is. Het kapitalisme is echter efficiënt in de maximalisatie van de winst, in geld – echter niet in het voeden van alle monden. En dat denk ik al helemaal niet meer na het zien van deze reportage…

Het kapitalisme lijkt wel het beste in mensen (en leiders) naar boven te halen. Min of meer dan, afgezien in ieder geval van de corruptie in het Europees parlement, hoewel, het moet gezegd, corruptie die in de communistische staten nog weliger tierde. In Europa wordt er wel wat aan gedaan.

Wat ook hoopvol stemt is dat de echt succesvolle ‘kapitalisten’ zoals een Bill Gates, of een Andrew Carnegie, (en de lijst stopt daar niet) uiteindelijk het toch heel goed lijken te menen met hun minder bedeelde medemensen. Zij geven hun geld weg. Ik denk dat dit een bewijs is van het feit dat mijn belang uiteindelijk jouw belang is (uiteraard nadat ik eerst mijn belang heb gediend, haha) en dat elke ook maar een beetje sensitieve mens uiteindelijk zal voelen dat het voor hem/haar een behoefte is als water en brood dat niet alleen wijzelf als ‘individu’ gelukkig zijn, maar dat iedereen dat uiteindelijk is. Nu kan geld geen geluk kopen en al helemaal niet het geluk van een ander, wat ook de reden is waarom de inspanningen van een Bill Gates misschien als ‘paternalistisch’ omschreven moeten worden: hij beslist wel nog altijd wat hij met zijn geld doet, hoe en aan wie en waarvoor hij het uitgeeft. Maar tegelijk geeft dit de mensen die er van profiteren ook wel kansen om zelf een succesvol leven op te bouwen…

Een belangrijke bedenking

Dit leidt er toe dat het kapitalisme misschien niet volmaakt is (dat is het zeker niet), maar het biedt wel een uitweg naar een volmaaktere samenleving. Voor je mij beschuldigt van utopisme: ik bedoel daarmee een samenleving waarin de economie al haar leden dient, en niet enkel degenen die het meest succesvol in staat zijn bezit op te bouwen. Daarbij wil ik ook graag de volgende bedenking ontvouwen.

Een leuk bijeffect van het bezitten van veel geld (een kapitaal) is dat dit in ons huidige systeem op zich al een inkomen, ander geld dan het basisbedrag, opbrengt. We weten allemaal dat mensen met een grote spaarpot niet meer voor geld hoeven te werken. En dat overigens niet omdat ze die spaarpot zelf opsouperen. Maar nee, ze leven van de rente! Het zijn rentenieren…  :???:

Dus kapitaal is een belangrijke factor voor het genereren van welvaart! En omdat dit zo is kunnen mensen die over kapitaal beschikken rustig leven, zonder zelf extra concrete welvaart – met hun blote handen of hersens – te moeten genereren. Ze worden, zoals de volksmond zegt, slapend rijk.

Dus dat is de kracht van kapitaal! Maar wat is kapitaal echt? Want laat ons wel wezen, geld is misschien een essentieel instrument om de economie soepel te doen draaien, maar het is zelf op zich geen waarde. Het is al vaker gezegd – in den beginne door enkele bijna uitgestorven indianen: geld kun je niet eten, niet drinken, je kunt er niet in wonen, er op slapen, er mee rijden, etc. Maar pas als de laatste vis gevangen is en de laatste boom is omgehakt zullen we ontdekken dat je geld inderdaad niet kan inademen of kan eten. Je kunt er dan wel weer je gat mee afvegen, maar enfin, daar is het dan wel weer te waardevol voor zeker?! ;)

Dus allez, geld is op zich niets. Maar wat is het dan wel? Het vertegenwoordigt in ieder geval waarde. En dat betekent: iemand die beschikt over geld, bij voorkeur grote sommen (dat is kapitaal) krijgt toegang tot grondstoffen, technologie en… zelfs, menselijke arbeid. En omdat elk bedrijf al deze dingen nodig heeft om te kunnen draaien en van start te kunnen gaan, is geld zo belangrijk. Het is een soort sleutel, een pasmunt inderdaad, die de deur opent naar… nee, niet de grotten van Ali Baba, maar wel iets nog veel waardevoller: Onze aarde.

Onze aarde

Ik zeg met opzet onze aarde, omdat ik denk dat dit ook zo is. Wij worden allemaal naakt geboren. En als we sterven nemen we niets van deze aarde naar het eventuele hiernamaals mee. Dus wat geeft dan de ene mens méér recht dan de andere, aanspraak te kunnen maken op de bronnen van de aarde: kopermijnen, waterbronnen, zonlicht, lucht, etc? De aarde is ons kapitaal!

Het is ons kapitaal. Het is ons geboorterecht. Daarentegen gaat het in onze huidige kapitalistische economie (die is ook van ons, ja. En daarom kunnen we ze misschien ook veranderen) al van bij het prille begin meteen al fout: we gaan er niet van uit dat de aarde van ons allemaal is. Nee, we gedragen ons veel dommer en zeggen vol overtuiging, tegen ons eigen hart in: het is de eerste vinder die recht heeft op de gevonden bronnen in de aarde! Met andere woorden: als ik morgen een kopermijn vind ergens in een nog onontdekt continent (jaja, jullie hebben allemaal slecht gekeken hoor! :) ) dan is die bron en alles wat ze te bieden heeft van mij en mag ik ze verkopen voor – kapitaal! We hebben toegestaan dat bij elke waardevolle bron die de aarde te bieden heeft een wachtertje heeft plaatsgenomen en in plaats van dit wachtertje de opdracht te geven er voor te zorgen dat die bron duurzaam beheerd wordt en dus grotendeels intact blijft, knikken we religieus en roepen we schijnheilig dat het toch dit wachtertje zijn volste recht is, deze bron zo uit te buiten dat zijn/haar (meestal een hij, wees maar gerust hoor) persoonlijke winst daardoor het sterkste groeit. Winst, uitgedrukt in geld dan…

De ondernemer als exploitant

Het is niet voor niets dat ondernemers vooral goede exploitanten moeten zijn om succesvol te kunnen worden in een kapitalistische economie: niet alleen exploitanten van natuurlijke bronnen, maar ook van persoonlijke bronnen zoals de verlangens, de dromen, de arbeid, de intelligentie, ja zelfs de creativiteit van mensen en dus niet alleen maar van kopermijnen en af en toe eens een regenwoudje of onze, eindige, oliebronnen (tiens, stopt dat soms ooit?!).

Dat is niet de ondernemer zijn fout, aangezien die daar ook min of meer toe gedwongen wordt, wil zijn onderneming kunnen overleven en aangezien er ook voldoende wanhopige mensen zijn, bereid om voor een weinig geld voor hem te werken. Dit drijft de ondernemer er toe, naast zijn winstbejag, zijn onderneming draaiende te houden op kap van de natuur en van zijn medemensen. Steeds meer en meer echter worden we er ons met zijn allen van bewust dat niet het geld ons ware kapitaal is, maar de aarde samen met al onze persoonlijke hulpbronnen. En iedereen weet dat een goede kapitalist iemand is die zijn kapitaal goed investeert/spaart en voor de rest van de rente leeft. Zou hij/zij het kapitaal beginnen op te eten, dan zou hij vroeg of laat even arm eindigen als de sukkelaars die wel moeten gaan werken voor hun geld, of misschien wel nog armer, want hij zou, na jaren van niet werken, misschien nauwelijks nog in staat zijn om te werken… (Wat niet betekent dat een kapitalist/rentenier niets nuttig kan doen.)

Het verhaaltje van de notenboom

Maar als de aarde ons kapitaal is, hoe zit het dan daarmee? Ten eerste: van wie is dit kapitaal dan? Wie is de rechtmatige eigenaar? En ten tweede: Hoe dient het beheerd te worden? Wat kunnen we doen om dit kapitaal in stand te houden, zodat het mogelijk wordt van de ‘rente’ te leven? Op die tweede vraag kan het antwoord makkelijk gegeven worden. Net zoals het de rentenier zijn eerste zorg is om het kapitaal dat hij heeft verzameld intact te houden, zo dient het ook de eerste zorg te zijn van de ‘beheerders’ van de aarde, dat die aarde zelf intact blijft en dat wij van de rente gaan leven. Duurzaam beleid is dus de oplossing. Wat weliswaar makkelijker gezegd is dan gedaan, maar toch mogelijk!

Een verhaaltje. Afgelopen herfst heb ik heel veel noten geraapt. En de gedachte kwam toen bij mij op: ‘Een notenboom betaalt een beter dividend dan geld op de bank! Elk jaar levert deze notenboom de bezitter er van noten! Die noten blijven maar komen, zeker eenmaal de boom volwassen is en zo lang hij niet sterft. Daarvoor dient de beheerder van de notenboom de boom slechts minimaal te verzorgen (aan de meeste notenbomen is niet zo veel werk). Notenbomen bieden een passief inkomen avant la lettre. En toch wordt een notenboom niet zo gewaardeerd als een aandeel op de bank en het dividend dat het betaalt. De notenboom waar ik noten ging rapen stond in het wild, en er was niemand die de moeite nam om hem te bewaken/beheren. Bij een andere notenboom, die wel van iemand was, mocht ik zomaar gratis een grote zak noten vullen. Stel je voor dat ik Euro’s had gevraagd van de dividenden uit de aandelen die deze mensen misschien hebben! Men zou niet zo welwillend zijn geweest denk ik. Toch was ik blijer met deze noten dan met het equivalente geld. Ik weet hoe duur noten verkocht worden op de markt, door mensen met Eurotekentjes in hun ogen… Gratis noten zijn voor mij bovendien een echte waarde (ze zijn gezond en ik eet ze graag), geld daarentegen representeert die waarde alleen maar – ik bezit liever een notenboom dan een aandeel: dat is gemeend: als ik geld zou hebben ik zou het investeren in een notenboom! :)

Economie: de kunst van het duurzame investeren

Mijn conclusie is: het is helemaal zo gek nog niet de aarde (en andere bronnen) te zien als ons ware kapitaal en er vervolgens naar te streven een economie op te bouwen waarin dit kapitaal met uiterste zorg wordt beheerd (conservatief bijna), zodat de gehele mensheid uiteindelijk kan leven van de rente – het dividend. Verorberen we meer dan dat, zoals nu gebeurt, dan zitten we straks met zijn allen zonder kapitaal – nadat er eerst een pijnlijke afvalkoers is gehouden uiteraard waarin eerst de zwakkeren, en langzaamaan vervolgens ook de rijkeren één voor één uit het aardse spel van het leven worden gekegeld – de mens blijft, ondanks alles toch een homo economicus, right? Wie uiteindelijk overblijft, de laatste mens, die mag met zijn lantarentje tenslotte rondkijken of er nog iets van waarde overblijft (arme wraak).

Houden we ons daarentegen aan deze code van duurzaamheid dan kunnen we al onze kennis, creativiteit en verlangens botvieren op het proces een redelijke winst te genereren: de kunst is lang, het leven kort en aan de beperkingen kent men de meester! Het is namelijk zo dat de aarde (de natuur, ook de menselijke natuur) vruchten te bieden heeft en dat een juist beheer die vruchten jaar na jaar, cyclus na cyclus, kan garanderen. Als onze grondstoffen dan het kapitaal zijn en de menselijke arbeid (fysiek zowel als emotioneel en intellectueel, …) dat kapitaal voor ons kan doen werken, net zoals het planten en verzorgen van een notenboom uiteindelijk de natuur voor ons doet werken en noten genereert, dan worden we inderdaad mensen die de aarde enkel dienen te beheren en ondertussen het kapitaal van deze aarde voor zich kunnen laten werken; ondertussen genietend en met voldoende tijd ook om onszelf te realiseren – los van de economische druk (de zogenaamde rat-race die we nu kennen)…

De rechtmatige eigenaar

Dan ook de eerste vraag: als de aarde (en alle andere bronnen) het ware kapitaal zijn, wie is dan de rechtmatige bezitter ervan?

We worden allemaal naakt geboren en kunnen niets meenemen als we sterven en daarom denk ik dat niemand op deze aarde meer recht heeft om aanspraak te maken op het bezit er van dan de andere. Daarom denk ik dat elke persoon die op de aarde vertoeft en leeft, een gelijk deel van het kapitaal bezit dat deze aarde (en bij uitbreiding ook andere bronnen) is. Met andere woorden: 1/7miljardste van die kopermijn is van mij! 1/7miljardste van al het water dat er op de aarde is, is van mij! Net zoals mijn lichaam van mij is, 1/7miljardste van de lucht, etc.

Als we dan de economie in zijn geheel als één groot bedrijf zien, dat gebruik maakt van de grondstoffen die de aarde te bieden heeft, dan betekent dit dat 1/7miljardste van het beginkapitaal van deze onderneming door mij aan deze onderneming als startkapitaal is uitgeleend! Ok, bedrijven mogen dit startkapitaal in mijn plaats gebruiken (ik sta het af, leen het uit, ben hier de geldschieter, de ‘aandeelhouder’), maar dan wil ik in ruil ook wel 1/7miljardste van de winst die deze bedrijven op basis daarvan genereren. Met andere woorden: ik ben mede-eigenaar van het startkapitaal van de economie en heb dus recht op een bepaalde compensatie. Zonder dat ik daar iets voor moet doen. Zonder dat ik daar voor werk. Eenvoudig omdat ik kapitaal ter beschikking stel, net zoals ook een investeerder rente verdient op het geld dat hij uitleent als startkapitaal voor een bedrijf, of een dividend ontvangt als compensatie voor het feit dat hij het risico heeft genomen om zijn geld in het bedrijf te investeren.

Het verschil tussen waarde en potentie

Let wel, het gaat er dus niet om dat ik, zoals het communisme zegt, 1/7miljardste van alle gegenereerde economische waarde bezit. Economische waarde ontstaat namelijk pas als mensen hun energie, inzet, verstand en andere kwaliteiten verenigen met beschikbare grondstoffen van de aarde op een productieve manier, dus zo dat anderen of zijzelf er iets waardevols bij winnen. Het lijkt me daarbij logisch en fair dat mensen die meer tot dat proces bijdragen dan anderen, daarvoor ook overeenkomstig beloond worden. Maar een basis van leven op deze planeet moet voor iedereen gecreëerd worden, gewoon omdat iedereen een deel van de beschikbare grondstoffen bezit, ook als die door anderen worden gebruikt om – op een duurzame manier dus – waarde te genereren. Het is per slot van rekening namelijk toch ook zo dat degene die meer produceert doorgaans ook meer verbruikt en anders dan dat nu de verhandelaars van grondstoffen – de wachtertjes – alle compensatie daarvoor ontvangen, is het toch logisch dat dit geld zou gaan naar de gehele populatie – ook de hongerende mensen in Zwart-Afrika.

De idee van het basisinkomen

Dat is zowat de basisidee. Een mogelijke (en misschien wel de meest voor de hand liggende)  uitdrukking van deze basisidee is de distributie over alle mensen van een onvoorwaardelijk basisinkomen dat mensen in staat stelt tenminste op een menselijke manier te overleven (men zou hiervoor bijvoorbeeld de mensenrechten kunnen nemen als ijkpunt – zonder dat men evenwel verplicht dat individuen hun geld ook aan bepaalde waarden spenderen, dat dient hun eigen keuze te blijven – het gaat niet om de uitbetaling van een basisloon in natura!). Maar wat dit creëert is dat niemand meer uit de boot van het leven – en daarmee van de aarde – valt omdat men niet eens een inkomen van meer dan 1,25 dollar te besteden heeft. Het gaat er dus om een basislijn van gelijkheid te creëren, gebaseerd op ons natuurlijk recht op een deel van de bronnen van de aarde.

Die bronnen op zich zijn niet eetbaar, drinkbaar, draagbaar, bewoonbaar, etc. Natuurlijke bronnen worden voor ons mensen namelijk pas concreet waardevol in conjunctie met een inspanning van onze kant: zelfs de spreekwoordelijke kersen die laaghangen moeten we ook nog wel plukken willen we die ons uiteindelijk eigen kunnen maken en zo onze behoefte vervullen (bovendien hangen de meeste kersen niet laag, dus je moet ook nog eens leren klimmen!). Maar net zoals de rentenier zit op zijn basiskapitaal en recht heeft op de opbrengst ervan (het rendement, in banktermen), heeft ieder van ons recht op een gelijk deel van het potentieel van de aarde, dat tot leven gewekt wordt door arbeid, maar dat er wel is, onafhankelijk van de toegewijde vinder die het als eerste gevonden heeft – en daar natuurlijk voor beloond moet worden, maar niet met het bezit van de gehele bron! Dat is waanzin.

Het basisinkomen hoeft dus niet alleen gezien te worden als een uitdrukking van onze menselijke waardigheid (de mensenrechten), maar heeft mijns inziens ook een heel logische grondslag eens je inziet dat niemand echt méér recht heeft op bepaalde bronnen dan de ander, en dat we, wat deze beschikbare bronnen betreft, dit recht dus dienen te verdelen om alle mensen die aanwezig zijn – en ja, dat gaat over de generaties heen…

Geld als motivatie

Het voordeel van dit systeem is dat iedereen er op een menselijke manier in kan leven, maar dat competitie en beloning naar inzet, slimmigheid en andere kwaliteiten er een deel van blijft – uiteraard zo lang de business een duurzaam gebruik maakt van grondstoffen (een richting die we sowieso toch uit moeten). Hoewel men in deze economie dus niet meer moet werken om op een menselijke manier te kunnen overleven/leven, zullen veel mensen dat toch doen omdat ze zo méér kunnen verdienen!

Mij maakt het niet uit dat er rijke mensen zijn en minder rijke mensen. Uiteindelijk: geluk kun je niet kopen en mensen die meer willen moeten die kans kunnen krijgen. Maar wat mij tegen de borst stuit is dat in het huidige systeem ook onmenselijke armoede tot de mogelijkheden behoort en dat, met alle respect, zelfs een Bill Gates met al zijn miljarden dit niet lijkt te kunnen oplossen. Een basisinkomen kan dit daarentegen wel en is bovendien niet paternalistisch, zoals de schenkingen van gevoelige rijken dat onvermijdelijk wél zijn en ook niet voorwaardelijk, zoals het sociale vangnet waar mensen in de huidige sociaal-democratieën tegenwoordig op kunnen terugvallen. Die twee hoeven niet meer als we erkennen dat iedereen economische rechten heeft in deze wereld, die voortvloeien uit ons gezamenlijke bezit van de aarde, ons belangrijkste kapitaal.

Een opstapje om dit ook echt zo te voelen kan daarbij de realisatie zijn dat mijn geluk uiteindelijk jouw geluk is, waardoor het instellen van een rechtvaardige economie naar aloude kapitalistische traditie ook gezien kan worden als een vergroting van mijn winst. Dit is nochtans géén communisme, omdat in het communisme alles collectief bezit is. In het hier voorgestelde systeem is er geen collectief bezit van geproduceerde goederen, maar is er enkel een basislijn van gedeeld bezit waarboven het economische spel van vraag en aanbod zijn gang moet blijven gaan om de efficiëntie en de persoonlijke ambitie en vrijheid van mensen te vrijwaren. Het gaat er alleen om, in de structuur in te bouwen, dat armoede door sociale factoren niet meer mogelijk is. Tussen rijkdom en net kunnen leven als mens is echter een hele kloof die de ondernemer altijd wakker zal houden en dat blijft ook, zelfs met een wereldwijd basisinkomen.

Daarbij dient dit basisinkomen hoog genoeg te zijn om als mens te kunnen leven. Mensen die niet zo materialistisch zijn, of mensen die even een pauze willen, etc. kunnen hiervan leven. En dit niet omdat het sukkelaars zijn. Maar omdat we allemaal mensen zijn met gelijke rechten op de bronnen van de aarde: ons echte kapitaal!

Deze gedachte moet natuurlijk nog verder in detail bekeken worden. Of het mogelijk is, en hoe! In ons land is er zelfs een politieke partij die het onvoorwaardelijk basisinkomen voor iedereen verdedigt! Het lijkt mij een interessante piste naar een mondiale samenleving waarin het bevrijdende morgenrood meer kan gaan doen dan enkel gloren…  ;-)

Een laatste bedenking…

Er is iets in de religie wat mij altijd heeft aangesproken, naast andere zaken die me tegenwoordig bij de religie jammer genoeg een beetje weghouden. En dat is het besef dat wij mensen voor de vervulling van onze behoeften, noden, verlangens niet alleen zelf iets genereren, maar ook iets *krijgen*. De dankbaarheid in de religie voor het leven moet niet schijnheilig worden (het komt ook weer niet als manna uit de hemel vallen hé en we moeten onze menselijke waardigheid er niet voor opofferen), maar er is een kern van waarheid in de erkenning dat wij mensen wat we consumeren werkelijk van de aarde, of van God (in een bredere zin misschien), ontvangen. Heidegger stelde een filosofische basisvraag als volgt: ‘Waarom is er iets en niet veeleer niets?’ Daarin zit de vaststelling dat er dus wel degelijk iets is, maar tegelijk ook dat dit heel veel verwondering wekt. En aangezien het zijn van de dingen ons aangaat lijkt het me daarom ook juist van de religie dat een gevoel van dankbaarheid hier kan ontstaan.

Het neo-liberalisme, dat een rush op de grondstoffen van de aarde aanmoedigt in naam van het verdienen van geld – dat is het genereren van persoonlijke economische waarde zonder rekening te houden met de gevolgen voor anderen – staat haaks op deze waarde van een gevoel van dankbaarheid. Het claimt dat alles waar de mens zijn ‘arbeid’ mee vermengt, rechtmatig van hem is. Men vergeet echter dat die arbeid vermengd wordt met iets, en dat dit iets net zo goed van mij als van jou is.

De religie schat naar mijn aanvoelen juist in dat wat wij als mensen ook doen, de resultaten nooit helemaal onze eigen verdienste zijn, omdat ze uitgaan van een ongekende x, een soort van potentie aan energie en meer concreet aan grondstoffen die misschien niet onderscheiden mag worden van onze eigen prestaties, maar die daar wel een kader toe biedt. Deze potentie, deze mogelijkheid tot welvaart en vrijheid verdient respect en niet de uitbuiting onder de vlag van ‘het recht tot winstmaximalisatie’ dat we nu kennen… Het zal nog een lange weg zijn naar vrijheid en welvaart voor iedereen, maar het lijkt me leuk hier aan te werken omdat het uiteindelijk veel fijner is in een samenleving te leven waarin iedereen zich vrij kan ontwikkelen, dan in een samenleving die is blijven steken in de ideeën van de 19de en de 20ste eeuw…

Wat denk jij? Ben jij ook iemand die het ‘beheer’ heeft over 1/7miljardste van de aardse grondstoffen? Laat het mij en iedereen weten en reageer in de comments… Alvast bedankt! :)

Gelijkaardige posts: