Idealen houden ons bescheiden

idealen

De afgelopen jaren van mijn leven worstel ik met idealen. Sinds mijn tienertijd al. Idealen bieden namelijk een tweesnijdend zwaard: – Aan de ene kant zijn ze enorm aantrekkelijk om naar te streven. Zeker op mij hebben bepaalde idealen altijd al een magnetische aantrekkingskracht gehad. – Aan de andere kant kunnen idealen ook enorm ontmoedigend werken, eens men beseft wat het inhoudt om in de praktijk aan een ideaal te voldoen.

Een voorbeeld van een ideaal is het bereiken van de kracht en het uithoudingsvermogen om 100 éénarmige pushups te doen. Het is een ideaal om deze kracht en deze uithouding te bereiken. Een ander voorbeeld is het boeddhistische ideaal van ‘compassie’: proberen andere wezens die op je weg komen met mildheid en mededogen te benaderen. Dat lukt niet altijd en juist in de praktijk kan het ontmoedigend blijken, zich aan een dergelijk ideaal te willen houden.

Als idealen onbereikbaar lijken, en het mislukt faliekant ze te bereiken, kan dit tot hevige pijn en zelfs bitterheid en cynisme leiden. Een voorbeeld dat we allemaal kennen is het ideaal van de perfecte relatie. Soms denk ik dat veel ‘liefdespijn’ meer met de dwangbuis van dit ‘ideaal’ te doen heeft dan met de feitelijke afwijzing waar we allemaal vroeg of laat in ons leven wel eens mee geconfronteerd worden. Ik herinner me dat toen mijn eerste relatie afsprong ik me mislukt en waardeloos voelde. Niet alleen omdat een verdere relatie met mij afgewezen werd, maar ook omdat ik vertwijfelde over mijn mogelijkheden zo een ideale relatie in stand te houden!

Nederigheid

Idealen hebben dus een enorme aantrekkingskracht maar kunnen, doordat ze zo moeilijk bereikbaar zijn, een leven ook grondig vergallen. Dat is mij best wel een paar keer gebeurd en toen ik daarnet in het boek Convict Conditioning aan het lezen was, kwam ik plots tot de volgende gedachte:

Idealen zijn er om ons nederig te houden.

Tegen nederigheid heb ik me vroeger altijd verzet. Ik verwarde het met onderwerping en onderwerping leek me nu niet echt een wenselijke houding… Ik verfoeide dat!

Maar nu ben ik tot de conclusie gekomen dat ik een fout maakte. Onderwerping betekent zichzelf minder belangrijk opstellen dan een andere persoon, een ideaal of nog iets anders; maakt niet uit wat, eigenlijk. Maar nederigheid kan iets anders betekenen en heeft daar in feite niets mee te maken…

Telkens ik de aantrekkingskracht van een ideaal ondervind, is het wijs te beseffen dat ik dat ideaal NOOIT zal bereiken. ‘But perfection is a journey, not a destination’, zegt Paul Wade in het boven genoemde boek. Dat betekent dat niet de vraag belangrijk wordt: Verlang ik dit ideaal bereikt te hebben? maar: Verlang ik een weg te gaan in de richting van het bereiken van dit ideaal? Nederigheid betekent dan te beseffen dat ik het ideaal niet bereikt heb, zelfs niet als ik een grote onderscheiding ofzo krijg voor de weg die ik al hebt afgelegd of het punt waar ik al gekomen ben. Het is ook het besef dat succes niet samenvalt met een naam, dat het ook weer kan gaan tanen, wanneer ik niet bereid meer ben de nodige stappen te zetten in de richting van het ideaal. Nederigheid betekent dus: beseffen dat niemand het ideaal ooit zal bereiken en dat het een illusie is te denken dat dit mogelijk is.

Een manier om ‘harde’ idealen te verzachten…

Een ideaal dat MOET bereikt worden is puur fascisme. Zij dit een sportief, een mentaal, een spiritueel, een emotioneel of een schoonheidsideaal. Als het op de ene of de andere manier NIET GOED is wanneer je niet aan dit ideaal beantwoordt, dan zit je in een relatie verwikkeld er mee die het ideaal belangrijker maakt dan jijzelf en ben je dus op de ene of de andere manier onderworpen. Dat kan zijn doordat anderen je dwingen om dat te doen (oh wee als je ‘slechte’ schoolresultaten haalt), omdat je zelf het gevoel krijgt dat je minderwaardig bent als je er niet aan voldoet of om nog een andere reden. Overal waar idealen belangrijker zijn dan mensen gaat het mis.

Nederigheid slaat op de relatie die je hebt met een ideaal. Het is geen relatie van identificatie (I am mister fittness!), maar een relatie waarin je beseft en toegeeft dat het ideaal je altijd zal ontsnappen.

Dit schept ruimte om van het proces te genieten, om het nastreven van het ideaal soms los te laten en zelfs eens in de tegengestelde richting te gaan (al was het maar puur voor de fun!). Bovendien schept het ruimte voor humor: We kunnen falen, maar met een gniffelend lachje om onze eigen onnozelheid! ;)

Het betekent ook dat we allemaal gelijk zijn. Nederigheid is het tegendeel van boven iemand staan of van zich onderwerpen. Niemand is werkelijk Mister Universe, Miss Beauty of Spiderman ofzo (ocharme ;) . Ook de grootste ‘meesters’ zijn mensen die in de marge van een ideaal het tegenwoordig heel goed doen, maar nog altijd niet zo dat ze het ideaal zelf bereikt hebben… En dat schept ruimte voor andere mensen om het ook eens te proberen en betekent dat meesters die dit beseffen ook ‘nederig’ zullen zijn…

Nederigheid zelf is overigens ook een ideaal. Dus allez, we zullen altijd prutsertjes in de marge blijven… :)

De aantrekkingskracht van idealen

Verliezen idealen dan niet hun aantrekkelijkheid? Als ze toch niet bereikbaar zijn? Ik denk het niet, of slechts gedeeltelijk. Alleen als een ideaal MOET bereikt worden is het een reden tot wanhoop en in extremis zelfdoding als ik het niet bereikt heb. Wanneer het najagen een optie is en geen plicht dan kan het zijn dat ik onderweg al het geluk van mijn leven vind, ook nog voor ik het ideaal bereikt heb… Dat betekent echter niet dat idealen en plannen ons niet zullen blijven aantrekken. Door te zien dat het belangrijkste onderweg en onverwachts gevonden worden kan, leren we ook van het proces te genieten…

Dat is een cliché. Maar ‘t zou me wat miserie bespaard hebben als ik dat eerder eens ernstig had genomen! Eerder dan bestemmingen die je kunt en moet bereiken, zie ik idealen nu als merkstenen. Ze markeren het veld. ‘t Is daarbij helemaal niet interessant om bij zo een merksteen te blijven staan; als dat al mogelijk is! ‘t Is ook niet mogelijk of toch heel moeilijk – en misschien zelfs niet wenselijk – om niet op één of meer van deze merkstenen georiënteerd te zijn. Daarbij kunnen deze merkstenen ook veranderen, naarmate ons verlangen zich verandert… Ik zie het nu zo dat ik ergens op een plek sta in het veld van idealen en dat rondom mij, ver en dichtbij en in alle mogelijke richtingen, merkstenen verspreid staan. Die merkstenen staan vast en zijn vrij onbeweeglijk. Maar ik beweeg en uiteindelijk is voor mij vooral de weg belangrijk en de keuzes en verlangens in welke richting ik zal gaan! Die keuzes en die weg zijn hetgene wat we echt beleven: een mengeling van droom (ideaal) en realiteit.

En dan nog één ontboezeming van een onverbeterlijke ‘idealist’ ;) : Ik weet vaak slecht wat me tevredenheid schenkt. Vaak al de helft van datgene wat ik met mijn hoofd verlangen… En vaak, jammer genoeg, ook meer. Of eventueel zelfs iets helemaal anders… Ook al zal ik er dus met m’n hele ziel naar streven 100 eenarmige pushups te kunnen doen, onderweg vind ik misschien al plezier als ik er 60 kan doen… ;)

Gelijkaardige posts: